Hoe werkt WiFi?
Het hart van een WiFi-thuisnetwerk is de WiFi-router: deze ontvangt het internetsignaal via een kabel via een breedband-internetverbinding en stuurt deze netwerkpakketten draadloos door naar de aangesloten apparaten – zoals smartphones, laptops en tablets
(Download). Omgekeerd sturen deze apparaten netwerkpakketten naar de WiFi-router, die de informatie weer het internet opstuurt
(Upload).
WiFi werkt doorgaans op een frequentie tussen 2400 en 5725 MHz. Als gebruiker kun je vaak kiezen tussen het
2,4- en 5-GHz-frequentieband
: de eerste heeft een groot WiFi-bereik, maar is langzamer en gevoeliger voor storingen. De tweede is sneller, maar heeft een beperkter WiFi-bereik. WiFi-toegangspunten met Band Steering kunnen zelfstandig tussen de frequenties schakelen en zo voor elk apparaat de optimale WiFi-verbinding garanderen.
De snelheid in het WiFi-netwerk hangt van verschillende factoren af – onder andere van de gebruikte WiFi-standaard, het aantal gebruikers en de aangesloten apparaten, evenals van mogelijke storingsfactoren. Bij problemen kunnen WiFi-versterkers helpen.